Knarrenhof 2.0: een hofje dat blijft groeien
Knarrenhof begon als kleinschalige woonoplossing voor vitale ouderen, en is in bijna tien jaar tijd ontwikkeld van een woonconcept tot een sociale beweging. Trude de Vroomen en Manon Overdijk blikken terug én vooruit.
Want het hofje mag dan stevig geworteld zijn, het concept van het hofje is nooit af en altijd in beweging.
Hoe een woonconcept uitgroeit tot een sociale beweging
Bijna tien jaar geleden was Knarrenhof een eigenwijs idee van Peter Prak en Liedeke Reitsma. Wat begon als een kleinschalige woonoplossing voor vitale ouderen, is ontwikkeld tot een sociale beweging. Eerde Schippers van INBO haakte vroeg aan als architect, later nam Trude de Vroomen met haar team zijn rol over. Manon Overdijk, sinds 2018 directielid en procesregelaar bij Knarrenhof, bewaakt het sociale proces van de bewoners. Samen blikken ze terug en vooruit.
Inmiddels is Knarrenhof een fenomeen, maar de zoektocht naar verbetering blijft. ‘Bij INBO voelen we de verantwoordelijkheid om te blijven kijken, vragen, vernieuwen,’ zegt Trude. Manon is het daar mee eens: ‘Het succes van Knarrenhof zit niet in het bouwen van hofjes, maar in het blijven ontwikkelen van een manier van samenleven die past bij deze tijd. We hebben geen vast recept. Elk project leert ons iets nieuws. Wat werkt in Oldenzaal, werkt niet per se in Eindhoven. En dat is oké. Sterker nog: zo blijft het leuk en dat houdt ons scherp.’ Zowel Manon als Trude benadrukken dat Knarrenhof geen vast ontwerp is, maar een gemeenschap. ‘De kracht zit in mensen die kiezen voor nabuurschap, ongeacht hun leeftijd.’
Van woonvorm naar manier van leven
Knarrenhof ontstond als antwoord op de wens van vitale ouderen om in een hofje te wonen en naar elkaar om te kijken. Samen maar met voldoende eigen privacy. In een tijd van individualisering bood het hofje nabijheid en gedeeld eigenaarschap, van zowel het Hofhuys – de gemeenschappelijke ruimte voor ontmoeting en activiteiten – als de gezamenlijke tuin.
‘Knarrenhof is en was nooit een bouwconcept. Het gaat om de mensen, de stenen die komen er wel,’ zegt Manon. ‘Het is een keuze. Een manier van leven. Voor nabuurschap, voor delen, ontmoeten, elkaar een handje helpen. Die waarden blijven vast, maar de manier waarop we ze vormgeven blijft zich ontwikkelen.’ Volgens haar is die flexibiliteit ook op de lange termijn nodig. De huidige vergrijzing gaat een keer voorbij, maar de vraag naar verbonden samenleven blijft.
Van 55+ Knarrenhof naar Meergeneratiehof
De eerste hofjes bestonden uit ouderen die bewust voor elkaar kozen. Inmiddels groeit de behoefte aan een wat meer gemengde samenstelling. ‘In het begin zochten mensen vooral rust en herkenning,’ zegt Manon. ‘Maar na een paar jaar hoor je: het zou goed zijn als er wat jongere mensen bijkomen.’ Nieuwe projecten zijn daarom gemengd: tien procent van de woningen zijn niet levensloopbestendig en daarmee bestemd voor mensen onder de zestig. ‘Een mix aan leeftijden houdt de hof vitaal.’
‘Knarrenhof is geen vast ontwerp, maar een gemeenschap. De kracht zit in mensen die kiezen voor nabuurschap, ongeacht hun leeftijd.’

De meeste hofhuyzen beginnen als besloten plekken. ‘In het begin zijn mensen druk met hun eigen huis en hof: verhuizen, de organisatie opzetten, elkaar leren kennen. Pas na twee à drie jaar ontstaat er ruimte om ook de wijk te betrekken,’ zegt Manon.
In de Hof van Zutphen en het Aahof in Zwolle organiseren bewoners en inwoners uit de wijk exposities, optredens en koffieochtenden voor de wijk in hun Hofhuys. ‘Dat ontstaat van binnenuit,’ benadrukt Manon. ‘Wat wij wel kunnen doen, is het ontwerp hierop aanpassen. Ontwerp je het Hofhuys in het midden van de hof én richting de straat, dan verlaag je de drempel voor contact met de buurt.’
Credits
Dit artikel is opgenomen in het INBO-magazine ‘Zorgzame buurten’
Tekst
Trude de Vroomen, Margot van der Meer
Fotografie
Wouter de Wilde, Rufus de Vries


